Sluiten

Steun Global Voices en doneer vandaag nog!

Onze vrijwilligers over de hele wereld zetten zich elke dag in om verhalen te schrijven of te vertalen die je nergens anders leest. Maar hiervoor hebben we jouw hulp nodig. Steun onze editors, onze technologie en onze projecten met een donatie aan Global Voices!

Doneer nu

Zie je al die talen? Wij vertalen de artikelen van Global Voices en maken zo burgermedia uit de hele wereld beschikbaar voor iedereen.

VS: Wetenschapsbloggers over Fukushima

Dit artikel maakt deel uit van onze speciale berichtgeving over de aardbeving in Japan in 2011.

UPDATE (17 maart): Het originele artikel van Josef Oehmen (waarnaar hieronder wordt gelinkt) is door Jason Morgan verwijderd, blijkbaar op verzoek van de auteur. Het artikel is aanzienlijk gewijzigd en opnieuw gepubliceerd op het Nuclear Science and Engineering Blog van het Massachusetts Institute of Technology. Het oorspronkelijke artikel van Oehmen beschreef de situatie op het moment dat het werd geschreven, toen er slechts in één van de reactoren in Fukushima problemen waren. Zijn opmerkingen over het mogelijk vrijkomen van straling zijn in het gewijzigde artikel verwijderd. Het oorspronkelijke artikel van Jason Morgan bevat nu een boodschap van Oehmen waarin hij lezers doorverwijst naar het MIT-blog:

De versie op mitnse.com is de meest accurate versie. Zoals u kunt zien is deze versie in veel opzichten anders dan de versie die hier op het blog van Jason is gepubliceerd. Dat artikel houdt geen rekening met of verklaart geen gebeurtenissen die na 12 maart hebben plaatsgevonden. Er zijn steeds nieuwe ontwikkelingen en veel mensen blijven mij vertellen dat ze ontdekt hebben dat het achteraf altijd makkelijk praten is.

Wetenschapsbloggers van The Great Beyond op nature.com blijven de situatie nauwgezet volgen. Een van hen is Geoff Brumfiel, die geregeld updates geeft over de stralingsniveaus in de directe omgeving van de beschadigde kerncentrale en op verschillende afstanden van de centrale. Zijn artikel van 17 maart bevat de volgende informatie:

De televisiezender NHK meldt ook verhoogde stralingsniveaus in de prefectuur Fukushima. In de stad Fukushima, 65 km ten noordwesten van de centrale en ruim buiten de evacuatiezone, meldden de autoriteiten volgens de zender stralingsniveaus tot 13,9 μSv/uur (0,0139 mSv/uur). Dat is ruim boven de achtergrondstraling en ruwweg gelijk aan 120 mSv/jaar, maar het vormt alleen een gezondheidsrisico als dit lange tijd aanhoudt (zie dit artikel voor meer informatie over de getallen).

Er is ongetwijfeld veel vraag naar snelle en accurate informatie, zowel over specifieke stralingsniveaus als over hoe deze getallen in de juiste context moeten worden geplaatst. Op 16 maart probeerde Brumfiel te berekenen wat de stralingsniveaus voor de bevolking betekenen:

De televisiezender NHK meldde vandaag 0,08 mSv/uur op 25 kilometer ten west-noordwesten van de centrale. Volgens een snelle berekening is dat 700 mSv per jaar (heel simpel: 0,08 mSv x 24 uur x 365 dagen). Dat is een flinke dosis, maar niet zo erg als het in eerste instantie lijkt. Om te beginnen lijkt de straling die afkomstig is van Fukushima sporadisch te zijn, dus het blijft niet lang 0,08 mSv/uur. Bovendien worden de effecten van die straling pas merkbaar als je een heel jaar buiten zou staan.

In werkelijkheid zullen mensen zo veel mogelijk schuilen, waardoor ze veel minder bloot worden gesteld aan straling. Verder zullen jodiumtabletten en eenvoudige maatregelen voor mensen die buiten moeten zijn (zoals beschermende kleding, en deze kleding binnen uittrekken) goed helpen. In deze context hoeven we ons over 0,08 mSv/uur waarschijnlijk niet zoveel zorgen te maken, hoewel het wel een probleem kan zijn voor reddingswerkers die lange tijd buiten doorbrengen.

Zoals ik al zei, meldde het Japanse ministerie van Wetenschap gistermiddag in Tokio een gemiddelde straling van 0,000144 mSv/uur. Dat is twee keer zoveel als de achtergrondstraling, maar moeten de inwoners van de hoofdstad zich hierover zorgen maken? Nee.

[Hier volgt het oorspronkelijke artikel]

De ontzetting over de aardbeving en de daaropvolgende tsunami [en – alle links] van vrijdag 11 maart aan de oostkust van Honshu, Japan, sloeg al snel om in grote paniek toen er explosies klonken in de kerncentrale van Fukushima. Maar binnen één gemeenschap in de blogosfeer lijken de reacties op de ontwikkelingen in Fukushima gematigder te zijn: de wetenschapsbloggers.

Barry Brooks van bravenewclimate nam een uitgebreid artikel over van Josef Oehmen, een wetenschapper aan het Massachusetts Institute of Technology, dat oorspronkelijk werd gepubliceerd door Jason Morgan. Brooks en Morgan, voorstanders van kernenergie, vinden dat de berichtgeving in de media over de “gedeeltelijke meltdown” in de kerncentrale overdreven is en vol fouten zit. Oehmen geeft zijn mening op basis van wat hij in de media heeft gelezen, maar hij probeert de mensen meteen gerust te stellen:

Er is *geen* substantiële hoeveelheid radioactiviteit vrijgekomen en dit zal ook niet gebeuren.

Met “substantieel” bedoel ik een hoeveelheid straling die hoger is dan de hoeveelheid waaraan je blootstaat wanneer je, bijvoorbeeld, een trans-Atlantische vlucht maakt of een glas bier drinkt dat afkomstig is uit bepaalde gebieden met een hoge natuurlijke achtergrondstraling.

Fukushima wordt al vergeleken met Tsjernobyl, hoewel wetenschapsbloggers oproepen tot terughoudendheid

Fukushima wordt al vergeleken met Tsjernobyl, hoewel wetenschapsbloggers oproepen tot terughoudendheid. Foto van Osakabe Yasuo, copyright Demotix (04-06-2009).

Ernstig, maar overhyped

David Ropeik deelt de zorgen van Oehmen dat de situatie in Fukushima ernstig, maar overhyped is en schrijft hierover een artikel op het Scientific American Guest Blog. Hij merkt op dat de situatie in de kerncentrale in Fukushima in de media niet alleen is vergeleken met Tsjernobyl (in Oekraïne), maar ook met de atoombommen in Hiroshima en Nagasaki aan het einde van de Tweede Wereldoorlog:

We weten uit onderzoeken onder de overlevenden van die bombardementen, die bloot werden gesteld aan schrikbarend hoge doses straling (veel hoger dan ooit van de Daiichi-centrale zou kunnen komen, of wat er in Tsjernobyl vrijkwam!) dat ioniserende straling van kernenergie kankerverwekkend is, maar relatief gezien niet heel ernstig.

Ropeik heeft klanten die belang hebben bij het gebruik van kernenergie en dit maakte hij ook duidelijk in zijn artikel.

Rita King heeft, ook op het Scientific American Guest Blog, een nuttige inleiding geschreven over wat een “nucleaire meltdown” nu eigenlijk is en ze gaat in op een aantal verschillen tussen dit incident en Tsjernobyl. Ze gaat ook in op de vaak hardnekkige opvattingen van voorstanders en tegenstanders van kernenergie:

De meningen over kernenergie staan meestal lijnrecht tegenover elkaar: voorstanders doen alsof er absoluut niets mis kan gaan en critici, die doodsbang zijn voor een nucleaire apocalyps, zijn er nog steeds van overtuigd dat oude kerncentrales tikkende tijdbommen zijn.

Sharon Astyk van Causabon's Book op ScienceBlogs.com verwijst naar deze houding en meent dat men dit incident had moeten zien aankomen en dat rampenplannen een belangrijkere rol moeten spelen bij onze beslissingen:

Ik moet bij de vreselijke gebeurtenissen in Japan steeds denken aan het woord “onvoorstelbaar” – de aardbeving, nu bijgesteld tot 9 op de schaal van Richter, de daaropvolgende tsunami en de nucleaire incidenten. Zoals uit het werk van Nicole Foss duidelijk is geworden, is de nucleaire ramp in Fukushima geen zeldzaamheid – hij volgt op een hele serie waarschuwingen over het gevaar dat het bouwen van kerncentrales in seismologisch gevoelige gebieden met zich meebrengt, en ook op veiligheidsproblemen in de centrale zelf. We weten dat het ontwerp van de centrale niet tegen zo'n grote aardbeving bestand is.

Genuanceerde discussie

Wetenschapsbloggers zetten de genuanceerde discussie over de voordelen van kernenergie voort. De belangrijkste deelnemers aan de discussie zijn Mike the Mad Biologist en James Hrynyshyn van Scienceblogs.com. Beide bloggers distantiëren zich van de huidige overdreven berichtgeving en proberen de voordelen van kernenergie af te zetten tegen andere stappen die landen zouden kunnen nemen om de energievoorraad te vergroten en de vraag te doen afnemen.

Mike the Mad Biologist vindt dat de nucleaire industrie een alternatieve vorm van kernenergie moet ontwikkelen die gebruikmaakt van thorium in plaats van uranium – hoewel thorium de wetenschappers voor enkele problemen stelt, produceert het minder nucleair afval en zijn er grotere hoeveelheden van. Verder merkt hij op dat mensen in de Verenigde Staten hun levensstijl drastisch moeten veranderen om op grote schaal energie te besparen:

Een van de beste manieren om het energieverbruik omlaag te brengen, is om in gebieden zonder efficiënt openbaar vervoer over te stappen van vrijstaande huizen op appartementen met toegang tot openbaar vervoer (twee derde van het totale energieverbruik bestaat uit huishoudelijk verbruik en vervoer). Met andere woorden: we moeten massaal de buitenwijken verlaten en tegelijkertijd opnieuw verstedelijken.

Omdat dit scenario zeer onwaarschijnlijk lijkt, noemt Mike the Mad Biologist kernenergie “de op een na beste optie”.

Hrynyshyn denkt dat het beter is om kernenergie te vergelijken met andere “alternatieve” energieopties:

Ik vergelijk de risico's en voordelen van kernenergie liever met die van schone, duurzame energie. Wat is het ergste rampscenario voor een centrale voor zonne-energie? Zelfs de ergste nachtmerrie voor een ingenieur van een windmolenpark stelt niets voor in vergelijking met kerntechnologie.

Dit artikel maakt deel uit van onze speciale berichtgeving over de aardbeving in Japan in 2011.

Start een discussie

Auteurs graag inloggen »

Regels

  • Alle reacties worden beoordeeld door een moderator. Verzend je reactie maar één keer, anders kan deze als spam worden gemarkeerd.
  • Wees respectvol tegen elkaar. Reacties met hatelijke opmerkingen, obsceniteiten en persoonlijke aanvallen worden niet goedgekeurd.