Sluiten

Steun Global Voices en doneer vandaag nog!

Onze vrijwilligers over de hele wereld zetten zich elke dag in om verhalen te schrijven of te vertalen die je nergens anders leest. Maar hiervoor hebben we jouw hulp nodig. Steun onze editors, onze technologie en onze projecten met een donatie aan Global Voices!

Doneer nu

Zie je al die talen? Wij vertalen de artikelen van Global Voices en maken zo burgermedia uit de hele wereld beschikbaar voor iedereen.

Japan: Over rampen en wonderen – een persoonlijk verslag

Dit artikel maakt deel uit van onze speciale berichtgeving over de aardbeving in Japan in 2011.

Na de aardbeving die Japan op vrijdag 11 maart 2011 trof, beginnen bloggers langzaam maar zeker hun persoonlijke verhalen te vertellen.

Een van hen is Chikirin, die op 13 maart 2011 haar ervaringen tijdens de aardbeving deelde in een artikel met de titel “Over rampen en wonderen” (大惨事とミラクル [ja]). Ze woont in de hoofdstad Tokio, maar was ten tijde van de aardbeving op zakenreis in de prefectuur Ibaraki in het noordoosten, zo'n 250 kilometer van het epicentrum van de aardbeving.

Chikirin is een fulltime blogger en schrijver. Ze schrijft scherpzinnige commentaren over sociale kwesties op haar populaire blog Chikirin's Diary (Chikirinの日記 [ja]). Ze twittert in het Japans onder de naam @InsideCHIKIRIN [ja].

Het artikel is in zijn geheel vertaald, met toestemming van de auteur.

Op de dag van de aardbeving plaatste het personeel van het hotel waar ik mijn toevlucht had gezocht een televisie in de lobby, zodat we het nieuws konden volgen. Mensen die op de grond hadden geslapen, verzamelden zich rond de tv, en ik voegde me bij hen, nadat ik uit de deken was gekropen die ik om mij heen had geslagen. Het was zeven uur nadat de aardbeving had plaatsgevonden, om 14:46 uur – en het was de eerste keer dat ik echt nieuws over de aardbeving zag.

Ongelooflijke beelden verschenen op het scherm. Steden waren letterlijk in een paar minuten weggevaagd door tsunami's. De mensen die naar de televisie keken, zeiden geen woord. Iedereen keek zwijgend naar het scherm. Sommigen konden het niet langer aanzien en keken weg.

Terwijl ik op tv zag hoe hele steden werden verzwolgen door de tsunami, moest ik aan de aardbeving in Kobe [van 1995] denken. Toen zat ik ook tv te kijken. Toen de aardbeving Kobe ‘s ochtends vroeg trof, was ik in Tokio. De hele dag probeerde ik op mijn werk contact te krijgen met mijn familie in Kansai, waar de aardbeving had plaatsgevonden, maar ik kon niemand bereiken.

Ik vreesde dat ik helemaal alleen was overgebleven en ik bleef de hele nacht naar de beelden van de branden staren. “Waarom kunnen er geen brandweerauto's bij de branden komen, de auto's van de televisieploegen kunnen er toch ook komen!”, klaagde een vrouw, die alleen maar kon toekijken hoe de stad in as werd gelegd terwijl er niets werd gedaan om de branden te blussen. Het was pijnlijk om te zien.

Het was dit keer hetzelfde met de tsunami: de steden worden niet verwoest door de aardbeving, maar door de branden en de tsunami, door alles wat *na* de eigenlijke aardbeving komt. De camera's leggen vast wat er gebeurt, maar niemand kan iets doen. Binnen een paar minuten verloren talloze mensen het leven en het werd allemaal op video vastgelegd.


Bekijk Japan: Over rampen en wonderen – een persoonlijk verhaal op een grotere kaart

Ik was in de prefectuur Ibaraki toen de aardbeving het land trof. De beving moet hier krachtiger zijn geweest dan in Tokio. Ik ben gelukkig ongedeerd. Ik wist meteen dat het geen gewone aardbeving was, want de aarde beefde heel lang en het licht ging meteen uit. De vergadering die ik bijwoonde, werd meteen beëindigd en we gingen vanaf de 7de verdieping met de trap naar beneden om onze toevlucht te zoeken buiten het gebouw.

Ik was de enige die vanuit Tokio naar de vergadering was gekomen en dus ook de enige die de trein terug moest nemen naar Tokio. Ik nam een lokale bus om zo snel mogelijk op het dichtstbijzijnde station te komen.

Nu ik erover nadenk, moeten sommige steden langs de kust toen al door de tsunami zijn overstroomd. Het was nog geen uur na de eerste beving en mensen probeerden de juiste beslissingen te nemen. Ook ik wist alleen dat het epicentrum in Touhoku lag en dat het een hele krachtige aardbeving was. Mijn mobiele telefoon deed het niet meer.

Al het openbaar vervoer op het station was stilgelegd en veel mensen stonden in de rij (achteraf gezien voor niets). Alleen de lokale bussen reden nog, maar daar had ik niets aan, omdat ik het gebied niet goed kende. Ik probeerde informatie te krijgen over hoe ik terug kon komen naar Tokio.

Eén van de automaten deed het nog, dus ik kocht sap en thee. Ik wilde ook graag iets te eten kopen, maar alle winkels waren gesloten. Ik begreep waarom: de kassa's deden het niet omdat de stroom was uitgevallen, en het is gevaarlijk om tijdens een aardbeving klanten in de winkel te hebben. Maar ik vond dat in ieder geval de winkels die eten verkochten klanten hadden moeten binnenlaten.

Er stond ook een lange rij voor de toiletten en er was geen water, maar mensen gingen goed om met de beperkte faciliteiten. Het was inmiddels standaard dat de persoon die uit het toilet kwam tegen de volgende persoon zei dat hij geen papier in het toilet moest gooien.

Ik bleef vier uur op het treinstation, tot de zon onderging. Het was duidelijk dat er niets zou gebeuren. Het grootste probleem voor mij was dat ik het gebied helemaal niet kende. Ik wist niet welke hotels er waren, welke faciliteiten er in de stad waren, welke andere vormen van openbaar vervoer er waren waarmee ik naar huis terug kon keren of hoever ik te voet kon komen. Zonder die informatie was het moeilijk om de juiste beslissing te nemen. Wat ik hiervan heb geleerd: zorg dat je in ieder geval iets weet over de plaats waar je heengaat als je ver van huis bent.

Foto van Mito City, prefectuur Ibaraki, van Twitpic-gebruiker emewmew.

Foto van Mito City, prefectuur Ibaraki, van Twitpic-gebruiker emewmew.

Toen het donker begon te worden, zeiden de mensen op het station tegen ons dat we beter op zoek konden gaan naar een overnachtingsplaats en dat de regering hun had gevraagd dit te zeggen. Mensen begonnen zich te verspreiden. Mensen die vlakbij werkten, gingen terug naar hun kantoor.

De mensen die overbleven waren degenen die niet veel over de stad wisten en nergens heen konden. Ik moest een overnachtingsplaats zien te vinden, het was koud en winderig. Dus ik vroeg een van de personeelsleden op het station naar een hotel en ging die kant op. Het eerste hotel dat ik tegenkwam was zo vriendelijk om me een plekje in de lobby aan te bieden, want alle kamers zaten vol. Ik droeg een korte rok, en ze gaven me zelfs een deken nadat alle kinderen een deken hadden gekregen.

Veel mannen die ook hun toevlucht hadden gezocht in de lobby, sliepen op stoelen zonder een deken. De nooddeken was gemaakt van dikke lamswol en hield ons goed warm. De stroom was in de hele stad uitgevallen, maar in het hotel was wel nog elektriciteit, dus sommige mensen kwamen naar het hotel om de batterij van hun mobiele telefoon op te laden. (Sommige mensen bleken thuis geen elektriciteit, water of gas te hebben.)

Ik droeg die dag voor het eerst in zes maanden een rok. Zul je altijd zien, dat er een aardbeving is als ik een rok draag. En toen ik ooit in mijn gewone kloffie en gymschoenen de straat op ging, kwam ik een ex-vriendje tegen! Maar goed, mijn deken was heel groot, dus ik overwoog om mijn rok uit te trekken en me in de deken te wikkelen. Maar er waren nog steeds naschokken en ik bedacht dat ik waarschijnlijk niet genoeg tijd zou hebben om mijn rok weer aan te trekken als we zouden moeten vluchten, dus liet ik dat idee varen.

Veel mensen waren de hele tijd wakker, maar ik probeerde te slapen. Ik had het koud, want ik had buiten vier uur lang blootgestaan aan de wind, en ik wist dat ik mijn krachten moesten sparen om deze situatie te overleven. Ik wikkelde mijzelf en mijn waardevolle spullen in de deken en probeerde zo veel mogelijk te slapen.

‘s Avonds laat gaf het personeel van het hotel iedereen een kleine, gezouten rijstbal en een half kopje miso-soep. Veel mensen in de lobby stonden hier rustig voor in de rij. Ik was alle medewerkers van het hotel dankbaar dat ze ons de nacht door hielpen, en ik was dankbaar dat de geëvacueerden zich zo ontzettend netjes gedroegen. Iedereen was heel rustig.

Het hotel liet ons opladers voor onze mobiele telefoons gebruiken, maar er waren er niet genoeg, omdat er zo veel mensen waren die ze wilden gebruiken. Bovendien konden we onze mobiele telefoons nog steeds niet gebruiken. Er was één publieke telefoon in de lobby, dus ging ik in de rij staan en belde naar huis. Om 3 uur ‘s ochtends kreeg ik verbinding. Toen ik mijn familie had verteld dat ik ongedeerd was en de hoorn oplegde, kreeg ik de munt van 100 yen die ik had ingeworpen weer terug. Telefoonbedrijf NTT bood gratis telefoonverkeer via publieke telefoons.

Nog een foto van Mito City, prefectuur Ibaraki, van Twitpic-gebruiker chatokun.

Nog een foto van Mito City, prefectuur Ibaraki, van Twitpic-gebruiker chatokun.

‘s Ochtends kreeg ik in het hotel een rijstbal. Vanaf het moment van de aardbeving [op vrijdag 11 maart] tot het moment dat ik terug was in Ueno [in Tokio], om 8 uur ‘s avonds [op zaterdag 12 maart], had ik alleen twee rijstballen gegeten in het hotel, dus ik was hen heel dankbaar. Alles was gesloten, ook de buurtwinkels en restaurants rond het station, dus ik had anders helemaal niets te eten kunnen krijgen.

Er waren de hele nacht naschokken, maar vreemd genoeg was ik niet bang. Wat me wel bang maakte, was de verwoesting in Touhoku die we op tv zagen. Na een tijdje keek ik niet meer. Ik vond dat je sommige dingen misschien beter niet kunt zien.

De volgende ochtend hoorde ik op het station dat de treinen hoogstwaarschijnlijk niet zouden aankomen. Maar gelukkig zou er een speciale bus naar het dichtstbijzijnde station gaan waarvandaan treinen zouden vertrekken. Ik sloot achteraan een hele lange rij aan. Ik gaf iemand die last had van hooikoorts een extra gezichtsmasker. Ik begon een gruwelijke hekel te krijgen aan mijn pumps. Ik wilde gymschoenen kopen, maar de winkels waren dicht.

Ik was heel verbaasd dat er geen winkels, zelfs geen supermarkten, waren geplunderd. Toen ik tijdens een aantal bosbranden in Californië was, was ik geschokt door de plotselinge plunderingen van winkels in het centrum. Toen New Orleans werd getroffen door een enorme orkaan, ging de National Guard vrij snel na de ramp gewapend de straat op.

Het is een wonder dat dat soort dingen gewoon niet gebeuren in dit land. Niemand vroeg in het hotel om een tweede rijstbal, zelfs niet toen er nog een paar over waren. (Het personeel van het hotel nam de overgebleven rijstballen mee en ging op de andere verdiepingen kijken of er nog iemand was die niet had gegeten.) Ik weet niet hoe vaak ik in die 24 uur heb gedacht: “Dit land is onwerkelijk”.

Chikirin beschrijft vervolgens haar lange reis naar het treinstation Ueno in Tokio, waar ook een grote menigte mensen geduldig en beleefd op vervoer stond te wachten. De Engelse vertaling van dit deel van haar verhaal staat hier [en]; we hebben het hier weggelaten omdat het artikel anders te lang zou worden.

Station van Ueno op 12 maart 2011. Foto van Plixi-gebruiker Shunsuke Koga.

Station van Ueno op 12 maart 2011. Foto van Plixi-gebruiker Shunsuke Koga.

Ik schrijf dit niet omdat ik wil laten zien wat voor vreselijke ervaringen ik heb gehad. Ik heb geen schade van de aardbeving meegemaakt. Het was slechts een beetje ongemak, dat niet eens de omschrijving “verwarring” verdient, maar ik wilde beschrijven hoe het was terwijl ik het me allemaal nog kon herinneren.

Wat ik wil overbrengen, is het wonderbaarlijke gedrag van de mensen in dit land. Ik ben in die 24 uur niemand tegengekomen die “kwaad” was, of “schreeuwde”, of “klaagde”. Ik heb één dronken man van middelbare leeftijd gezien die stennis trapte op het station van Ueno. Dit land is echt wonderbaarlijk.

Ik kijk televisie in mijn appartement terwijl ik wat spullen opruim die op de grond zijn gevallen. Bedrijven en particulieren, iedereen doet zoveel. Ik wil vooral mijn enorme dank en respect uitspreken voor de mensen die op de kerncentrales werken terwijl er nog steeds naschokken zijn.

Ik wil nog veel meer schrijven, maar dit is het voor nu.

Ik heb geen woorden voor wat de mensen ervaren die direct getroffen zijn of die familieleden hebben verloren.

Ik bid voor nog veel meer wonderen.

Met dank aan Naoki Matsuyama [en] en Eric Yap [en] die dit artikel van het Japans naar het Engels hebben vertaald.

Dit artikel maakt deel uit van onze speciale berichtgeving over de aardbeving in Japan in 2011.

Start een discussie

Auteurs graag inloggen »

Regels

  • Alle reacties worden beoordeeld door een moderator. Verzend je reactie maar één keer, anders kan deze als spam worden gemarkeerd.
  • Wees respectvol tegen elkaar. Reacties met hatelijke opmerkingen, obsceniteiten en persoonlijke aanvallen worden niet goedgekeurd.