Sluiten

Steun Global Voices en doneer vandaag nog!

Onze vrijwilligers over de hele wereld zetten zich elke dag in om verhalen te schrijven of te vertalen die je nergens anders leest. Maar hiervoor hebben we jouw hulp nodig. Steun onze editors, onze technologie en onze projecten met een donatie aan Global Voices!

Doneer nu

In Peru zijn er 23 uur voor het Spaans en 1 uur voor inheemse talen

Foto genomen door Carlos Molina Vital van de programmering van de zender TVPerú, gebruikt met toestemming. (Tussen vijf en zes uur ‘s ochtends zijn programma's in inheemse talen te zien.)

De titel van dit artikel vat samen wat er gebeurt op de staatszender TVPerú en dit correspondeert met de geschiedenis van de republiek. Nu we dicht bij de tweehonderdste verjaardag van de stichting van de natie Peru komen zoals die nu is, wordt de ruimte voor de inheemse bevolkingsgroepen gerepresenteerd door deze geringe ruimte op de staatstelevisiezender. Dit feit, weinig besproken buiten een groep Quichua en Aymara activisten, brengt ons naar een diepere reflectie en een noodzaak van actie voor de erkenning en soevereiniteit van inheemse bevolkingsgroepen in het gebruik van hun talen.

De programma's in het Quichua en Aymara worden sinds enkele jaren uitgezonden tussen vijf en zes uur ‘s ochtends. Ze geven ons één van de vierentwintig uren van de dag, wanneer de kijkcijfers van de televisieprogramma's minimaal zijn; een tijdschema dat hersteld werd [es, alle links] nadat inheemse activisten hun protest lieten horen tegen het besluit van de directie van de zender, begin augustus, om de programma's om vier uur ‘s ochtends uit te zenden. Een van de argumenten die gehanteerd werden door Eduardo Guzmán Iturbe, verantwoordelijk voor deze wijziging, was dat de inheemse Quichua's en Aymara's opstaan om vier uur ‘s ochtends, behalve degenen die in steden wonen. Een argument dat in conflict is met de data van de laatste volkstelling in 2017 die liet zien dat de meeste sprekers van inheemse talen in de steden wonen. Alleen al in Lima zijn er meer dan 700.000 inwoners die het Quichua als moedertaal hebben. Bovendien laat dit argument de herhaalde retoriek zien in de geschiedenis van bijna tweehonderd jaar van de republiek Peru, dat ‘inheemsen van het verleden zijn en op het platteland wonen’.

Het grootste deel van de Quichua-sprekers van Peru woont in de steden, door de binnenlandse migratie. Maar ze hebben geen overheidsdiensten in hun moedertaal. Deze sprekers moeten zich aanpassen aan de koloniale politiek van het land waarin de aanpassing aan het Spaans bevorderlijk is voor de diverse staatsinstanties zoals het onderwijs, gezondheidsdiensten en andere overheidsdiensten. Dit geldt zelfs in regio's als Cusco en Apurímac, waar de meerderheid van de inwoners Quichua spreekt, maar de overheidsdiensten in het Spaans zijn, behalve een paar geïsoleerde initiatieven. Zo kwam de republiek Peru op en zo heeft ze zich behouden, en weinig is veranderd in bijna tweehonderd jaar. Als er aandacht wordt besteed aan ‘multiculturalisme’ en ‘interculturalisme‘, is dat alleen om dit diep koloniale, racistische en discriminerende land te verbloemen. Deze koloniale houding komt niet alleen voor in de hoofdstad, maar ook in de lokale elite die de macht hebben en geloven dat als we meer Spaans spreken, we meer ontwikkeld en modern zijn, wat reflecteert wat Rivera Cusicanqui (2010) koloniaal gedachtegoed noemde.

Wat betreft de corporaties van commerciële media in Peru: deze hebben nog steeds geen programma in het Quichua, wat nogmaals laat zien dat we de tweede eeuw eindigen alsof het Spaans de enige taal is die we in Peru spreken. Dit toont de houding van de eigenaren van de grote media naar inheemse bevolkingsgroepen, ze gebruiken ze alleen als een beeld van ‘culturele rijkdom’ en als aantrekkelijk element voor het toerisme op bepaalde momenten. Het moment waarop een van deze corporaties een programma in het Quichua heeft, zal een mijlpaal zijn in de erkenning van de ‘anderen’ van dit land van bijna tweehonderd jaar oud. Deze ‘anderen’ zijn de inheemse bevolkingsgroepen die dit gebied al bewoonden lang voordat de republiek Peru werd gevormd en de Europeanen kwamen.

Zo blijven we de koloniale houding en politiek herhalen van die opkomende republiek Peru in 1821, die de assimilatie bevorderde en het inheemse uitsloot. We herinneren ons dat de nieuwe republiek ervoor zorgde dat in een eeuw het percentage sprekers van het Quichua afnam van 70% (1870) tot 30% (1970). Alle maatregelen en politiek werden toegepast om het leren en het gebruik van het Spaans te bevorderen, zoals het onderwijs en andere staatsdiensten. Volgens overheidsdata zijn nu ongeveer 13% van de Peruanen sprekers van het Quichua.

Net zoals de staatszender de ochtenduren toewijst aan de inheemse talen, zijn de inheemsen in het land de minst zichtbare momenten gegeven, of ze zijn simpelweg genegeerd of gezien als probleem dat moest worden opgelost. Er wordt over ons gepraat wanneer er een ramp gebeurt, een sociaal conflict, wanneer we deel moeten uitmaken van het leger, of wanneer het toerisme gepromoot moet worden. Deze tijdstippen en minimale momenten van erkenning van het inheemse zijn het product van medelijden en de noodzaak om degenen die als minder worden gezien, te beschermen. Vergetelheid en medelijden verstrengelen zich en geven aan de ‘ander’ of ‘anderen’ niet het aanzien van een persoon, of het nu runas zijn (Quecha voor ‘personen’) of welke andere inheemse groep in het land dan ook. De rest van de uren en jaren bestonden en bestaan niet voor deze republiek in haar bijna tweehonderd jaar.

Daarom is het voor de inheemse bevolkingsgroepen van Peru noodzakelijker dan ooit om grotere soevereiniteit te winnen in het gebruik van onze talen en in de aanwezigheid in de media, en wat betekent dit? Dit betekent een netwerk van media en een televisie- en radiozender, en virtuele platforms voor journalistiek vanuit onze ervaringen als inheemsen, die geleid worden door ons. Als we de ervaringen van andere inheemse bevolkingsgroepen in de wereld bekijken, zoals in Australië en Nieuw-Zeeland, is het hen gelukt om hun eigen netwerken en mediaplatforms te creëren. Hoe moeten wij dit doen? Er zijn al veel Quichua's, Aymara's en Amazonischen die al vele jaren lokale radiozenders hebben en die journalistiek bedrijven op de radio, televisie en in kranten. We moeten alleen nog onze netwerken versterken, nieuwe platforms creëren en communicatieprocessen leiden vanuit de media.

Start een discussie

Auteurs graag inloggen »

Regels

  • Alle reacties worden beoordeeld door een moderator. Verzend je reactie maar één keer, anders kan deze als spam worden gemarkeerd.
  • Wees respectvol tegen elkaar. Reacties met hatelijke opmerkingen, obsceniteiten en persoonlijke aanvallen worden niet goedgekeurd.