Tsjaadse milieuactiviste Hindou Oumarou: ‘AI-governance moet met respect voor Inheemse volken’

Ibrahim says AI has the potential to support, rather than replace, Indigenous peoples’ knowledge. She gives a positive example in Chad, where participatory mapping, satellite data and predictive AI tools have helped anticipate drought and protect herders’ migration routes.

Ibrahim zegt dat AI de mogelijkheid heeft om de kennis van inheemse volken te beschermen in plaats van te vervangen. Ze noemt een positief voorbeeld uit Tsjaad, waar men met behulp van participatory mapping, het gebruik van satellietgegevens en voorspellende AI-instrumenten de droogte beter kon voorspellen en de migratieroutes van herders beter beschermd werden. Beeld: Chadpix / Alamy via Dialogue Earth. Gebruik met toestemming.

Dit artikel van Brian Obara is eerder gepubliceerd door Dialogue Earth op 13 augustus 2026. Het wordt door Global Voices opnieuw gepubliceerd als onderdeel van wederzijdse inhoudelijke overeenkomst. Het is ook onderdeel van de Spotlight serie van Global Voices Inheemse Rechten van augustus 2026. Je kunt de verslaggeving over dit thema hier steunen met een donatie.

Dialogue Earth spreekt met de Tsjaadse milieuactiviste Hindou Oumarou Ibrahim over Inheemse perspectieven op AI.

In het debat over de ontwikkeling van een nationale strategie voor artificiële intelligentie door Afrikaanse regeringen voert veiligheid, economische concurrentie en werkgelegenheid de boventoon.

Er is weinig aandacht voor hoe de uitbreiding van AI het milieu, water en de biodiversiteit schaden of de rechten van de gemeenschappen, wiens leefgebied en kennis steeds meer aangetast worden.

Deze zorgen doemen op verschillende plekken in de AI-waardeketen op. De bijbehorende datacenters kosten energie, water en land, en de hardware is daarnaast afhankelijk van minerale grondstoffen.

AI-systemen mogen kennis van het landschap en culturele en linguïstische kennis verzamelen en reproduceren zonder dat ze erkennen dat deze informatie vaak gezamenlijk wordt beheerd door een gemeenschap in plaats van een individu. Dit is van belang omdat de doorsnee databeschermingsrichtlijnen gericht zijn op de privacy en eigendom van individuele persoonsgegevens en dus niet erg geschikt zijn om collectief beheerde informatie te beschermen.

In juli werd in Genève de eerste VN-bijeenkomst over AI gehouden, de Global Dialogue on AI Governance. Een van de aanwezigen was Hindou Oumarou Ibrahim. Zij is voorzitster van de Association for Indigenous Women and Peoples of Chad en voormalig voorzitter van het Permanent forum voor inheemse vraagstukken van de Verenigde Naties. In die hoedanigheid voerde ze het debat over het stimuleren van een AI-governance dat milieuvriendelijk is en ook de rechten van Inheemse volken eerbiedigt.

Ibrahim vertelt aan Dialogue Earth hoe belangrijk het is dat Inheemse perspectieven meegenomen worden in het debat in Afrika over AI-governance. Ze legt uit waarom Afrikaanse overheden biodiversiteit, landrechten en het bestaan van collectief beheerde data moeten opnemen in hun AI-beleid. Ze zegt dat men moet erkennen dat Inheemse volken rechthebbenden zijn en beslissingen kunnen nemen, zeker als nieuwerwetse technologie gevolgen heeft voor hun land of immateriële erfgoed.

Dit interview is geredigeerd voor de lengte en duidelijkheid van het artikel.

Dialogue Earth: Hoe kunnen Afrikaanse overheden ervoor zorgen dat hun nationale AI-strategieën een reële weergave zijn van de natuur en het milieu van het continent en haar culturele diversiteit?

Hindou Oumarou Ibrahim at the World Economic Forum in Davos, Switzerland, 2023.

Hindou Oumarou Ibrahim op het Wereld Economisch Forum in Davos, Zwitserland, 2023. Beeld van Boris Baldinger / World Economic ForumCC BY-NC.

Hindou Oumarou Ibrahim: Afrika beschikt over een buitengewone biologische en culturele diversiteit, maar staat ook onder druk door klimaatverandering, mijnbouw, erosie en een enorme toename van infrastructuur. Nationale AI-strategieën moeten daarom de technologische ontwikkelingen koppelen aan biodiversiteitsbescherming, klimaatbestendigheid, landrechten en verantwoord gebruik van natuurlijke hulpbronnen.

Afrikaanse overheden kunnen de leiding nemen door het verplicht stellen van milieueffectrapportages en onderzoek naar de sociale effecten van AI-infrastructuur. Dit kan helpen om water en land te beschermen tegen het bouwen van niet-duurzame datacentra en te garanderen dat de vraag naar mineralen niet resulteert in de vernietiging van ecosystemen of onteigeningen.

Het kan er ook voor zorgen dat Inheemse volken officiële partners in AI-governance zijn en zorgen voor bescherming van de collectieve rechten op onze rijke en diverse culturele, linguïstische en landschapskennis.

Het biedt ook een kans om te investeren in AI-capaciteit die geleid wordt door Afrika en Afrikaanse gemeenschappen: lokale onderzoeksinstituten, innovatieve centra van de Inheemse volken, Afrikaanse taal en cultuurmodellen en technologieën die ontworpen zijn voor de behoeften van de Afrikanen en van gemeenschappen en niet zozeer voor externe markten.

Wat gaat er mis doordat biodiversiteit en Inheemse rechten in het huidige debat over AI-governance nauwelijks plek krijgen?

AI-governance is grotendeels opgetuigd rondom een westers begrip van risico waarbij de mens centraal staat. Beleidsmakers maken zich terecht zorgen over thema's als desinformatie, werkgelegenheid, discriminatie en veiligheid, maar ze hebben weinig oog gehad voor het natuurlijke systeem waar de economie en de maatschappij afhankelijk van zijn. Als een gevolg hiervan worden biodiversiteitsverlies, de aantasting van ecosystemen en de rechten van de Inheemse volken zelden gezien als essentiële aspecten van AI-governance.

Maar er is nog een groter risico. Zonder ecologische beperkingen zou AI de winning en het verbruik van grondstoffen, alsmede de infrastructurele uitbreiding, zodanig kunnen versnellen dat de druk op ecosystemen en Inheemse volken nog meer toeneemt. Veel van de gebieden die onder druk staan van de mijnbouw-, energie- en infrastructuursector bestaat uit land van Inheemse volken en heeft een hoge biodiversiteit.

Men kan AI-governance niet als verantwoord beschouwen als het niet de ecosystemen en culturen beschermt waar gemeenschappen afhankelijk van zijn.

Hoe zou een zinvolle Inheemse participatie in AI-governance eruitzien?

Inheemse volken zouden moeten meehelpen om de beschermende maatregelen voor hun rechten, kennis en gebied vorm te geven. Ze moeten actief meebeslissen over de inzet van systemen die van invloed zijn op henzelf. Hierbij is vrije, voorafgaande en geïnformeerde toestemming nodig.

Participatie gaat niet alleen om kennisgeving. Inheemse volken moeten erkend worden als beslissingsmakers en als bezitters van rechten, met name als AI- beleid, infrastructurele projecten of databeheer invloed hebben op hun land, kennis of culturele erfgoed.

Op welke manier schieten bestaande databeschermingssystemen te kort bij het beschermen van kennis en gegevens die niet in het bezit van individuen zijn, maar in het collectieve bezit van gemeenschappen?

De gebruikelijke databeschermingssystemen richten zich op individuele privacy. Ze kunnen niet het collectieve recht dat een gemeenschap over haar taal, culturele erfgoed, traditionele of landschapskennis heeft voldoende beschermen.

Inheemse volken moeten zelfbeschikking behouden over of en hoe hun kennis en gegevens gebruikt wordt. Overheden en bedrijven moeten erkennen dat de gegevens van Inheemse volken vaak collectief zijn en moeten kaders ontwikkelen die daarbij passen.

AI-bedrijven zouden ook hun modellen moeten controleren op vooroordelen op basis van taal en cultuur, en Inheemse leiders en experts inschakelen gedurende het gehele proces, waardoor gemeenschappen de mogelijkheid hebben om oneerlijke of schadelijke weergaves aan de kaak te stellen of te verwijderen.

Kan AI ook Inheemse kennis steunen en helpen voortbestaan zonder dat het de expertise van een gemeenschap vervangt? 

Er zijn hoopvolle voorbeelden waarin AI een ondersteunde rol heeft en niet de kennis van het inheemse volk vervangt. Sommige voorbeelden worden beschreven in een recent rapport over Inheemse volken en AI voor de Economische en Sociale Raad van de Verenigde Naties.

In de Amazone hebben Inheemse volken samengewerkt met ngo's en onderzoekers om illegale houtkap en mijnbouw op te sporen met behulp van satellietmonitoring ondersteund door AI. In Tsjaad kon men door participatory mapping en voorspellende analyses (predictive analysis) te combineren met de kennis van de herders droogte voorspellen en de migratieroutes van de herders beschermen. In het noordpoolgebied hebben de Sami en Inuit gemeenschappen hun traditionele kennis in voorspellende modellen geïntegreerd zodat ze de veranderingen kunnen volgen van het zee-ijs, de verplaatsing van wilde dieren en de gevolgen van de mijnbouwindustrie.

De belangrijkste conclusie is dat technologie bestaande kennis zou moeten versterken in plaats van te vervangen. Inheemse volken begrijpen hun omgeving tot in detail; kennis die door vele generaties is verzameld en doorgegeven. AI kan helpen bij het analyseren van deze informatie en om patronen te herkennen, maar het is geen vervanging voor de culturele context, de onderlinge relaties en het inzicht dat nou juist die kennis zo waardevol maakt.

AI kan gemeenschappen en natuurbeschermingsorganisaties helpen om grote hoeveelheden informatie sneller te verwerken. Het kan helpen om houtkap en illegale mijnbouw te signaleren, om veranderingen in ecosystemen te herkennen, satellietbeelden en akoestische data te analyseren, milieubedreigingen te voorspellen en de monitoring te verbeteren in gebieden waarvan oudsher weinig gegevens van bekend zijn.

De belangrijkste kansen liggen waar AI datgene ondersteunt dat de gemeenschap zelf als prioriteit aangeeft, en waar het de capaciteit versterkt van reeds actieve natuurbeschermers.

Maar deze voordelen komen niet vanzelf. Technologie kan ongelijkheid vergroten als deze instrumenten zonder actieve betrokkenheid van de gemeenschap worden ontwikkeld, als gegevens zonder toestemming worden gebruikt of als gemeenschappen niet de infrastructuur en financiële middelen hebben om deze systemen zelf te gebruiken.

Door AI te gebruiken om het verlies van bosareaal te monitoren, compenseert men echter niet voor de toename in energieverbruik, winning van mineralen, waterverbruik of habitatvernietiging ten gevólge van de groei van een AI-model.

Wat is uw belangrijkste aanbeveling voor wereldleiders op het gebied van AI-governance?

Leiders moeten waarborgen dat geen enkel AI-systeem, beleid of infrastructuurproject dat Inheemse volken zelf of hun kennis of gebied treft, kan starten zonder vrije, voorafgaande en geïnformeerde toestemming van het Inheemse volk zelf. Dit beginsel zou moeten gelden voor de gehele AI-keten: bij het extraheren van mineralen en het bouwen van datacenters tot het verzamelen van Inheemse kennis en het inzetten van AI-instrumenten in gemeenschappen.

Het gaat niet alleen om het voorkomen van schade, maar over de erkenning van Inheemse volken als besluitvormers en rechthebbenden. Wereldleiders moeten de participatie van Inheemse volken en datasoevereiniteit direct in nationale en internationale AI-governance kaders vastleggen, en niet als eventuele keuzemogelijkheden voor sociale voorzorgsmaatregelen.

[Noot van de vertaler: Inheemse volken is geschreven met een hoofdletter uit respect omdat het om een collectieve identiteit gaat, zoals ook Canadees met een hoofdletter is, en om verschil te maken met het koloniale gebruik van inheems]

Start een discussie

Auteurs graag inloggen »

Regels

  • Alle reacties worden beoordeeld door een moderator. Verzend je reactie maar één keer, anders kan deze als spam worden gemarkeerd.
  • Wees respectvol tegen elkaar. Reacties met hatelijke opmerkingen, obsceniteiten en persoonlijke aanvallen worden niet goedgekeurd.