
De Italiaanse uitgever Arnoldo Mondadori en schrijver Gabriele D'Annunzio (in het midden, in uniform). Foto door Archivi Mondadori op Wikimedia Commons (CC BY-SA 4.0).
Dit artikel [mk] van Stojan Sinadinov werd op 4 februari 2026 gepubliceerd op Truthmeter.mk. Een bewerkte versie wordt hier opnieuw gepubliceerd in het kader van een overeenkomst tussen Global Voices en Metamorphosis Foundation om content te delen.
De hybride documentaire Fiume o morte! [nl – alle links tenzij anders aangegeven] van de Kroatische schrijver en regisseur Igor Bezinović [en] biedt een nieuw perspectief op de gangbare opvatting over fascisme als politieke beweging die geworteld is in propagandistisch spektakel, mobilisatie van de massa en het creëren van nationalistische mythen. In de film portretteert Bezinović nauwkeurig de zestien maanden durende bezetting van de stad Rijeka (nu gelegen in Kroatië) door de Italiaanse decadentistische schrijver en militaire leider Gabriele D’Annunzio en zijn leger van legionairs in 1919, direct na het einde van de Eerste Wereldoorlog.
Fiume o morte! is een van de films die het jaar 2025 hebben gekenmerkt. De film won 30 prijzen, waaronder de prijs voor beste documentaire [en] van de European Film Academy, de Tiger Award en de FIPRESCI Jury Prize [en] op het Internationaal Filmfestival Rotterdam, evenals zes Golden Arena Awards op het filmfestival van Pula in Kroatië. De film werd ook geselecteerd als Kroatische kandidaat voor de Academy Award [en] van 2026, hoewel hij niet tot de definitieve genomineerden behoorde.
Deze coproductie van Kroatië, Italië en Slovenië, is een creatieve mix van een documentaire en een komedie die fungeert als een soort geschiedenisles over het ontstaan van het fascisme. Met medewerking van ongeveer honderd amateurtoneelspelers en figuranten wordt in de film het jaar 1919 en de zestien maanden durende bezetting van de Kroatische kuststad Rijeka door paramilitaire troepen van de Italiaanse dichter, toneelschrijver, aristocraat, dandy en aspirant militair leider Gabriele D’Annunzio nagespeeld.
De officiële trailer van de film vind je hier.
Onmiddellijk na het einde van de Eerste Wereldoorlog – ontevreden over het feit dat de stad Rijeka na de ondertekening van het Verdrag van Versailles tussen Duitsland en de geallieerde mogendheden van de Triple Entente niet bij het Koninkrijk Italië was ingelijfd – trok D’Annunzio op 11 september 1919 met tientallen legionairs de stad binnen en richtte daar een nooit erkende fascistische vrijstaat op die bekendstond als het Reggenza Italiana del Carnaro (Nederlands: het Italiaanse Regentschap Carnaro).
Ruim een jaar later negeerde D’Annunzio het feit dat het Koninkrijk Italië en de Staat van Slovenen, Kroaten en Serven (SCS), later het Koninkrijk Joegoslavië genoemd, in november 1920 een overeenkomst hadden gesloten, waarin werd bepaald dat Rijeka tot de SCS behoorde. Het Italiaanse leger zag zich daarop genoodzaakt hem uit zijn ‘staat’ te verdrijven. D’Annunzio’s legionairs trokken zich op 5 januari 1921 uit Rijeka terug en D’Annunzio zelf twee weken later, waarmee een einde kwam aan de zestien maanden durende bezetting.
De film van Bezinović schetst een kritisch beeld van de ‘pionier’ van het Italiaanse fascisme, Gabriele D’Annunzio, passend bij het rolmodel van de fascistische leider Benito Mussolini. Het leven en werk van Gaetano Rapagnetta (Rapagnetta is de geboortenaam van D’Annunzio; zijn vader nam de achternaam D’Annunzio over van zijn oom) dienen als basis voor een, door Bezinović met onberispelijke precisie uitgevoerde, gedetailleerde ontleding van het proto-fascisme. Het is geen toeval dat kijkers en critici talrijke parallellen zullen vinden met de huidige geopolitieke situatie en de wederopleving van het fascisme/nazisme in verschillende vormen – precies de reden waarom Bezinović de film Fiume o morte! heeft gemaakt.
De bezetting van Rijeka door D’Annunzio en zijn legionairs is goed gedocumenteerd in archieven die meer dan 10.000 foto’s bevatten, zoals dit album, en honderden filmopnames. In de film van Bezinović vormen deze foto’s en films de basis voor een re-enactment, het naspelen door amateurtoneelspelers en figuranten van personen en gebeurtenissen tijdens de bezetting van Rijeka.
De volgende archiefbeelden laten zien hoe de gebeurtenissen rond de proto-fascistische bezetting van Rijeka destijds werden vastgelegd; ze dienden als referentiemateriaal voor de reconstructie in de film.
Zoals de Duitse filosoof van joodse afkomst Walter Benjamin [en] opmerkte ‘kan het fascisme worden gezien als esthetisering van de politiek’, aangezien het de neiging heeft de politiek tot een spektakel te maken door gebruik van symbolen, geënsceneerde rituelen, massabijeenkomsten en de media om mensen emotioneel te mobiliseren. Het communisme daarentegen, zo stelde Benjamin, streeft ernaar kunst te politiseren. Benjamin, die in 1940 stierf terwijl hij op de vlucht was voor de nazi’s, wees erop [en] dat het vervagen van de grens tussen politiek en performance een cruciaal kenmerk van het fascisme is.
Dit is de situatie waarin politiek door het fascisme wordt geëesthetiseerd. Het communisme reageert hierop door kunst te politiseren.
Vanuit dit perspectief gezien is Bezinović’s beschrijving van D’Annunzio’s bewind in Rijeka niet dat van een conventioneel bestuur, maar van een soort politiek theater — een geënsceneerde werkelijkheid waarin macht evenzeer wordt uitgeoefend via een maskerade van beelden, gebaren en mythen als via geweld.
Een vergelijkbare, artistieke parallel kan worden getrokken met Friedrich Nietzsche [en] die – in dialoog met de opera’s van Richard Wagner – beschreef hoe ‘de tragedie voortkomt uit de geest van de muziek.’ Wagners werk zou later worden geïncorporeerd in de nazi-ideologie.
In de film van Bezinović lijken de vroege vormen van het fascisme echter voort te komen uit de geest van de komedie: een theatraal, vaak absurd schouwspel (volgens de traditie van de Italiaanse commedia dell'arte waarvan de onvermijdelijke tragische gevolgen pas achteraf volledig zichtbaar zouden worden. Dit samenspel tussen het komische en het catastrofale geeft de film een uitgesproken tragikomische dimensie.
In Fiume o morte! is te zien hoe D’Annunzio de groet uit het oude Rome, vaak de Romeinse groet genoemd, nieuw leven inblaast met ‘de rechterarm op ooghoogte’ [mk]. Het werd later de verplichte groet van de fascisten en vervolgens van de nazi’s.
Bezinović wijst ook op het korte verblijf in Rijeka van de Italiaanse schrijver en grondlegger van de futuristische beweging Filippo Tommaso Marinetti die op uitnodiging van D’Annunzio was gearriveerd, maar al na twee weken weer vertrok.
Mussolini verbleef slechts één dag in Rijeka. Hij vertrok om de oprichting van zijn Partito Nazionale Fascista (PNF) voor te bereiden. Later werd hij Il Duce (de Leider) die de ideeën van zowel D’Annunzio als Marinetti belichaamde in het politieke corporatisme dat bekendstaat als fascisme.
Fiume o morte! gaat niet voorbij aan het feit dat D’Annunzio tijdens zijn bewind meer dan 5000 jonge Italianen naar Rijeka haalde om de demografische samenstelling ervan te veranderen (de stad telde destijds ongeveer 30.000 inwoners). Evenmin gaat de film voorbij aan het feit dat zijn legionairs, gedreven door racisme, aan het begin van de bezetting naar schatting tien Vietnamese soldaten doodden die deel uitmaakten van de geallieerde troepen van de Entente.

Gabriele D'Annunzio (in het midden met de stok) met enkele legionairs (leden van het Arditi-korps van het Italiaanse Koninklijke Leger) in Fiume in 1919. Foto op Wikimedia Commons. Publiek domein.
De Italiaanse schrijver en theoreticus Umberto Eco, die onder meer de vele gezichten van het fascisme analyseerde in zijn werk uit 1995 Eternal Fascism: Fourteen Ways of Looking at a Black Shirt, dat onder de titel Ur-Fascism [en] werd gepubliceerd door de New York Review of Books, schreef:
Het fascistische spel kan echter in vele vormen worden gespeeld, de naam van het spel verandert niet…
Fascisme is een parapluterm geworden omdat je uit een fascistisch regime een of meer kenmerken kan weglaten en het nog steeds als fascistisch herkenbaar zal zijn. Haal het imperialisme weg uit het fascisme en je houdt nog steeds Franco en Salazar over. Haal het kolonialisme weg en je hebt nog steeds het Balkanfascisme van de Ustaša. Voeg aan het Italiaanse fascisme een radicaal antikapitalisme (waar Mussolini nooit erg door gefascineerd was) toe en je hebt Ezra Pound. Voeg daar een cultus van Keltische mythologie en de Graalmythe aan toe (die volkomen vreemd is aan het officiële fascisme) en je hebt een van de meest gerespecteerde fascistische goeroes, Julius Evola.
Fiume o morte! van Igor Bezinović voegt nog een extra nuance toe aan de interpretatie van het fascisme.







