Sluiten

Steun Global Voices en doneer vandaag nog!

Onze vrijwilligers over de hele wereld zetten zich elke dag in om verhalen te schrijven of te vertalen die je nergens anders leest. Maar hiervoor hebben we jouw hulp nodig. Steun onze editors, onze technologie en onze projecten met een donatie aan Global Voices!

Doneer nu

De klimaatcrisis in de nieuwe roman van de Jamaicaanse milieuactiviste.

Jamaicaanse auteur en milieuactiviste Diana McCaulay. Foto door Jonathan Chambers, gebruikt met toestemming.

“Hoe leef je, als het daglicht doodt?” Dat is de vraag die wordt gesteld in de vijfde roman van de bekroonde Jamaicaanse schrijfster en milieuactiviste Diana McCaulay's, “Daylight Come [en – alle links],”gepubliceerd door Peepal Tree Press op 24 september.

Het verhaal begint op het denkbeeldige Caribische eiland Bacaju in 2084, waar een tienermeisje en haar moeder een wanhoopspunt hebben bereikt, ze ontvluchten hun stad en de verwoestende omstandigheden die de klimaatverandering met zich heeft meegebracht. Zich verschuilend voor de wrede zon, gaan ze naar de heuvels, onzeker over wat ze kunnen verwachten als ze beginnen aan een dramatische poging om te overleven.

De cover van Diana McCaulay's nieuwe roman, gepubliceerd door Peepal Tree Press. Afbeelding met dank aan McCaulay, gebruikt met toestemming.

Het verhaal klinkt misschien dystopisch, maar voor McCaulay komt het dicht bij huis. Ondanks hun kleine koolstofvoetafdruk, staan de Caribische eilanden wereldwijd in de frontlinie van de klimaatverandering. Sinds midden mei heeft het Atlantische orkaanseizoen 2020 tropische cyclonen in een ongekend tempo geproduceerd, en het gebied heeft in het verleden consequent geleden onder orkanen. Het heeft ook steeds meer hardnekkige en langdurige droogteperiodes, watertekorten en hoge temperaturen en perioden van extreme regenval doorstaan.

Terwijl de kritieke besprekingen bij New York Climate Week afsloten, interviewde ik McCaulay via e-mail over de complexe kwesties die de klimaatcrisis in de Caraïbische context omringen.

Emma Lewis (EL): Wat heeft je ertoe aangezet om deze roman te schrijven?

Diana McCaulay (DMC): Ongeveer drie zomers geleden las ik tijdens een reis een artikel over bouwvakkers in het Midden-Oosten die door de hitte van de steigers vielen, en ik begon na te denken over wat er zou gebeuren als het te warm zou worden om buiten te werken. Toen ik terugkeerde naar Jamaica, begon ik goed te letten op alle mensen die buiten werkten. Wat zou er gebeuren als er een groot deel van het jaar geen werk buiten mogelijk was? Dat was de kern van het idee voor “Daylight Come.” Ik stelde me voor wat voor wereld er zou kunnen ontstaan – zouden mensen ‘s nachts gaan werken en overdag slapen? Maar stel dat er één persoon was, een tiener, die niet kon slapen?

EL: De roman is gericht op het publiek van de Young Adult. Is het een genre dat belangrijk is voor jou?

DMC: Ik heb nooit een publiek in gedachten als ik schrijf maar ik lijk het meest geneigd om te schrijven over jongeren in de leeftijdsgroep van 12 tot 16 jaar en mijn schrijfstijl is eenvoudig, dus twee van mijn boeken zijn onthaald als boeken voor Young Adults. Dat genre is voor mij belangrijk omdat ik zelf al van jongs af aan graag lees, dus ik hou van het idee om een jong publiek te bereiken.

EL: Het moeder/dochter-perspectief onderstreept de generatie-aspecten van de klimaatveranderingsdiscussie. Is er een disconnectie tussen de generaties over dit onderwerp?

DMC: Ik denk dat er een kloof is – zelfs boosheid – omdat opeenvolgende generaties ouderen het probleem hebben veroorzaakt of getolereerd, terwijl jongeren degenen zijn die er mee te maken zullen krijgen. Ik ben niet zeker dat ik erover denk als zijnde het overbruggen van een kloof in het begrijpen ervan, maar evenzeer als een behoefte aan dringende actie door jonge mensen. Dit is hun gevecht, hun toekomst, hun wereld. Oudere mensen moeten hen ondersteunen met informatie, begeleiding, financiering en toegang tot macht.

EL: Communiceren over klimaatverandering kan een behoorlijke uitdaging zijn. Hoe kunnen we verschillende lokale doelgroepen bereiken?

DMC: De taal van de wetenschap is niet erg nuttig in het communiceren van een crisis, heb ik gemerkt. De wetenschap wordt gemeten, ontvouwt zich langzaam en spreekt over waarschijnlijkheden en onzekerheden, terwijl mensen precieze voorspellingen willen. Ik denk dat de boodschap van de klimaatcrisis zich moet nestelen in liefde voor het thuisfront, in geworteldheid, in waardering voor een bepaalde manier van leven. Er moet worden gesproken over rechten en rechtvaardigheid en billijkheid – want het is een zeer onrechtvaardige situatie dat de ontwikkelde landen een hoge levensstandaard hebben opgebouwd op basis van energie uit fossiele brandstoffen en dat nu aan landen die deze levensstandaard niet hebben genoten, wordt gevraagd om deze NOOIT te hebben.

Wat betreft het bereiken van een lokaal publiek, leerde ik uit mijn ervaringen met een anti-afval campagne dat muziek, optredens, humor en animatie het meest effectief zijn, maar het is een uitdaging om op die manier gevaar over te brengen. Het probleem met de berichtgeving over de klimaatcrisis aan het publiek is de oproep tot actie. Ik ben het er niet mee eens om dit te laten gaan over individuele actie, hoe belangrijk dat ook is – je weet wel, de aanmoediging om energie te besparen en water te besparen – daar is het te laat voor. De klimaatcrisis is een probleem van overheden en bedrijven en economische systemen. Het is een machtsprobleem.

Diana McCaulay en leden van haar team maakten op 14 september 2013 deel uit van een konvooi naar de Goat Islands van Jamaica. De expeditie had tot doel de campagne van de Jamaica Environment Trust (voorgezeten door McCaulay) om de Goat Islands, een ecologisch gevoelig gebied, te redden van plannen om een megahaven te bouwen, in de schijnwerpers te zetten. Het was een lange campagne, die drie jaar later succesvol eindigde. Afbeelding door Emma Lewis, gebruikt met toestemming.

EL: Wat voor verhalen moeten we vertellen over klimaatverandering?

DMC: Feiten en informatie zijn belangrijk, maar het is als je de emoties aanspreekt, dat mensen bezorgd zijn, dat ze overgaan tot actie. Ik zou graag meer verhalen in de nabije toekomst willen zien – veel klimaatfictie speelt zich heel ver in de toekomst af, zodat mensen zichzelf kunnen vertellen dat dit ver weg is en misschien wel nooit zal gebeuren.

EL: Welke specifieke acties zou je de komende vijf jaar in het Caribisch gebied willen zien plaatsvinden?

DMC: De kloof die ik zie in de regio is tussen retoriek en actie. We voeren zeker een goed gesprek, we gaan naar alle conferenties, we sturen onze rapporten in, we ondertekenen conventies, we vieren kleine, lokale projecten. Maar als je kijkt naar de ontwikkelingsbeslissingen die momenteel worden genomen, zijn ze in overeenstemming met een ontwikkelingsmodel dat we al hadden moeten achterlaten.

Zo heeft Jamaica onlangs een zeer groot hotel toegestaan in een ongerept mangrovegebied direct aan de kust, hebben we een stadsomleiding gepland die mangroves zal verwijderen, en zijn we van plan om een industrieterrein en woningen te bouwen op een watertoevoergebied. Wat de acties betreft, zou ik graag zien dat er zones worden ingesteld waar niet mag worden gebouwd vanwege de kwetsbaarheid van het klimaat. Ik zou graag zien dat we beginnen met het plannen van een beheerde terugtrekking uit de kustlijn – een groot deel van onze kritieke infrastructuur  bevindt zich op of nabij de zeespiegel.

Ik zou graag zien dat de manier waarop het toerisme op de markt wordt gebracht wordt herzien, wat helemaal een fantasie is; je weet wel, die lege, ongerepte stranden waar alle inheemse vegetatie is verwijderd. Ik zou graag zien dat we mensen die al in gevaarlijke gebieden wonen, zoals op de oevers van rivieren, dringend weghalen. Ik zou graag zien dat al onze zoetwaterbronnen serieus worden beschermd, evenals de natuurlijke hulpbronnen waarvan we weten dat ze ons weerbaar maken tegen de gevolgen van de klimaatcrisis, zoals bossen, riffen en zeegrasvelden. En ik zou graag zien dat er een energietransitie komt, die enigszins aan de gang is, maar nog steeds gebaseerd is op aardgas, dat een fossiele brandstof is, en niet snel genoeg verloopt.

EL: “Daylight Come” suggereert dat het menselijk bestaan zal geconfronteerd worden met een reeks toekomstige uitdagingen. Is er hoop?

DMC: In termen van hoop of hopeloosheid zie ik het als wat we moeten doen, hoe we moeten handelen, wat de oplossingen zouden kunnen zijn, wat de prioriteiten zijn.
Tropische ecosystemen ZULLEN zichzelf genezen als je ze een kans geeft – en sneller dan veel andere soorten ecosystemen. We hebben al veel verloren, maar we hebben nog steeds veel dat de moeite waard is om te beschermen, en we moeten vastbesloten zijn om niet nog meer te verliezen.

EL: Er is een groeiend aantal jonge klimaatactivisten, in het Caribisch gebied en daarbuiten. Wat is je boodschap voor hen?

DMC: Je hebt meer macht dan je beseft. Gebruik het. Organiseer. Vind bondgenoten. Verhef je stem. Je hoeft niet alles te weten over de wetenschap – wat je nodig hebt is bezorgdheid. Verontwaardiging. Vastberadenheid. Moed.

Start een discussie

Auteurs graag inloggen »

Regels

  • Alle reacties worden beoordeeld door een moderator. Verzend je reactie maar één keer, anders kan deze als spam worden gemarkeerd.
  • Wees respectvol tegen elkaar. Reacties met hatelijke opmerkingen, obsceniteiten en persoonlijke aanvallen worden niet goedgekeurd.