Sluiten

Steun Global Voices en doneer vandaag nog!

Onze vrijwilligers over de hele wereld zetten zich elke dag in om verhalen te schrijven of te vertalen die je nergens anders leest. Maar hiervoor hebben we jouw hulp nodig. Steun onze editors, onze technologie en onze projecten met een donatie aan Global Voices!

Doneer nu

Zie je al die talen? Wij vertalen de artikelen van Global Voices en maken zo burgermedia uit de hele wereld beschikbaar voor iedereen.

Hoe bloggen gegijzeld wordt door Ethiopische politici

A crowded street in Addis Ababa. Photo by Sam Effron via Wikimedia (CC BY-SA 2.0)

Een drukke straat in Addis Ababa. Foto door Sam Effron via Wikimedia (CC BY-SA 2.0)

Eender waar je naartoe gaat, reizen in Addis Ababa vraagt enorm veel tijd. Je moet heel geduldig zijn met het verkeer. Ethiopische telecomdiensten gebruiken vergt een vergelijkbare dosis geduld. Je stuurt een sms'je naar iemand waarmee je hebt afgesproken, om hen te laten weten dat je later zal zijn, in alle waarschijnlijkheid door een file. Maar de kans is groot dat je aankomt lang voor je vriend of vriendin je sms'je heeft gekregen, want dat kan uren of zelfs dagen duren. In Ethiopië wordt 40 procent van de verstuurde sms'en niet op tijd afgeleverd, of ze bereiken simpelweg nooit hun bestemming.

De verbinding wordt dikwijls middenin een gesprek afgebroken, en pre-paid mobiele telefoonkaarten hebben meestal minder belminuten dan wordt aangegeven. Tijdens het regenseizoen is het niet abnormaal dat er urenlange netwerkstoringen zijn, zelfs in de hoofdstad. In de eerste helft van 2014 alleen al berichtte de staatsmedia dat er meer dan 25 netwerkonderbrekingen voorkwamen die het hele land troffen. En als de netwerken het wel doen, gaan ze pijnlijk traag: een klein bestand van 2 MB of minder uploaden met een standaard Gmailaccount kan tot vijf minuten duren.

EthioTelecom is het enige telecombedrijf van Ethiopië en wordt geleid door de overheid. Sinds 2010 had het bedrijf minstens drie CEO's, heeft het miljoenencontracten met het oog op uitbreiding aangeboden aan Chinese bedrijven, en deed het meermaals publieke beloftes om zijn diensten “zeer spoedig” te verbeteren. Ondanks steeds positievere berichtgeving over EthioTelecom in de media, was er de laatste jaren geen grote verbetering in de service die het bedrijf biedt. Als er al iets veranderde, is het dat die service eerder slechter werd.

Maar als de Ethiopische overheid wil communiceren met haar burgers, werken de telecommunicatiediensten erg goed. Een gewone burger heeft een officiële vergunning nodig om een sms-bericht te verspreiden aan meer dan 10 personen, maar op gelegenheden als de 40ste verjaardag van de politieke partij de Tigray People's Liberation Front (TPLF) [en], die gevierd werd op 18 februari, ontvingen talrijke Ethiopiërs massaal regeringsgezinde sms'jes om de gelegenheid te vieren.

De overheid oefent ook strikte controle uit over de toegang tot internetdiensten. Solomon, een goede vriend van mij die onlangs zijn diploma in politieke wetenschappen behaalde, wilde een persoonlijke blog beginnen met de domeinnaam van zijn land, .et. Hij diende een aanvraag in om een domeinnaam onder .et te kopen, maar hij kreeg te horen dat hij zich eerst als bedrijf moest registreren. Pas dan kon de staatsbeheerder van topleveldomeinen zijn aanvraag behandelen. Toen Solomon zijn frustratie uitte bij de klantendienst van EthioTelecom, belde een medewerker de bewaking en werd hij het gebouw uitgezet.

Waarom is er slechts één internetprovider, die bovendien slecht werkt, voor 90 miljoen Ethiopiërs? We weten wel beter dan die vraag te stellen aan overheidsfunctionarissen. Dat soort vragen zullen enkel worden gezien als een poging om de nationale soevereiniteit te ondermijnen, of om het land te verkopen aan buitenlandse neoliberale kapitalisten.

Horn of Africa map from the UN. Released to public domain.

Kaart van de Hoorn van Afrika van de VN. Deel van het publieke domein.

De controle die de staat uitoefent op de Ethiopische telecommunicatiediensten wordt gewoonlijk gerechtvaardigd onder het mom van het behouden van de Ethiopische economische soevereiniteit. Ethiopië buit in grote mate haar positie uit als stabiele bondgenoot van westerse mogendheden in de onzekere Hoorn van Afrika. Met buurlanden als Soedan en Eritrea, en door de terreurdreiging uit Somalië, kan de overheid een zeer strenge antiterrorismewet [en] toepassen als middel om elk spoor van kritiek te onderdrukken.

Mobiele sms-diensten werden gedurende drie jaar afgelast na de verkiezingen in 2005, de enige verkiezingen die ooit werden betwist in de hele politieke geschiedenis van Ethiopië. In mei 2011 was er urenlang geen internetverbinding in het hele land, omdat de overheid vreesde voor een “revolutie” zoals die in Egypte. In die periode werd sociale media in verschillende mediakanalen die gecontroleerd worden door de overheid in beeld gebracht als “slecht voor de gezondheid van de maatschappij.” [en]

Meer dan een eeuw geleden, toen Keizer Menelik II [en] het paleis en de schatkist verbond met een telefoonlijn, schrokken de adel en de priesters van het geluid van lichaamsloze stemmen. Ze probeerden de telefoonlijn te verbannen en noemden die het werk van demonen. Soms voelt het alsof de huidige heersers die scenario's opnieuw uitvoeren door telecomtechnologie buiten het bereik van de meeste Ethiopiërs te houden. Hun inspanningen verhullen ze in politieke ideologie.

Voor Ethiopiërs zoals mijn vriend Solomon, die experimenteren met zichzelf online uit te drukken, is gestraft worden door de staat of door EthioTelecom een bekend patroon. In 2012 startte ik samen met een paar collega's een gezamenlijke blog op: Zone9 [en]. Na amper drie weken ondervonden we dat onze blog niet toegankelijk was in Ethiopië. We hadden op geen enkel moment geloofd dat de overheid onze blog zou beschouwen als een ernstige politieke bedreiging. We probeerden immers gewoon een identiteit te vormen, één stem die de Ethiopische generatie van na de burgeroorlog vertegenwoordigde, met een geëngageerd hart en een olifantenhuid.

En we wilden onze regering het voordeel van de twijfel geven, ondanks het feit dat veel journalisten ons het tegendeel adviseerden. Zij hadden immers zelf de brutaliteit van het regime aan den lijve ondervonden. We weigerden om gecoöpteerd te worden door de verschillende politieke groeperingen, die meestal verdeeld zijn door ideologische, etnische en religieuze verschillen. Ons doel was niet om de overheid te confronteren, maar om de kleine webruimte van Ethiopië zo goed mogelijk te gebruiken om op basisniveau echte discussies aan te gaan. We schreven over zaken van algemeen belang.

In een poging om het leven van onze blogs te verlengen, probeerden we onze kritiek te veralgemenen, in plaats van te focussen op specifiek wangedrag van de overheid. In amper een paar maanden tijd lanceerden we meer dan tien blogs, en elke keer verplaatsten we ons en pasten de webadressen aan om censuur te omzeilen. We wisselden tussen verschillende platformen, van Blogger naar WordPress en dan terug naar Blogger. Dit was uiteraard een slechte digitale mediastrategie, maar het was geen kinderspel. En dan gingen we te ver. Een paar van ons werden door de politie in elkaar geslagen en werden beschuldigd van het aanzetten tot geweld, en zelfs terrorisme. Dit is wat negen van mijn vrienden overkwam, die momenteel lijden in gevangenissen in Addis Ababa [en].

We leerden dat we verkeerd waren te denken dat de overheid ons niets zou doen, dat ze wisten wat onze zwakke plekken waren en ons niet zouden arresteren. Het belangrijkste dat we deden was de overheid vragen om de Ethiopische grondwet te respecteren en om de problemen op te lossen met slechte telecomdiensten, zoals de voorvallen die ik hierboven heb beschreven. Met onze campagnes trokken we veel mensen aan van de relatief kleine onlinegemeenschap van Ethiopië, maar onze activiteiten waren nooit misdadig.

In de akte van beschuldiging [en] van mijn collega's nam de aanklager een volledige transcriptie op van afgeluisterde telefoongesprekken die ik had met mijn vrienden toen ik nog in Ethiopië was, als bewijs van een “misdrijf” dat we pleegden. Ze namen telefoongesprekken op die we hadden over onze privélevens, over onze training in digitale beveiliging, en heel wat meer. De overheid beschuldigde ons van collaboratie met politieke groepen waar wij ons eerder openlijk kritisch over hadden uitgesproken.

De Zone9 bloggers probeerden gewoon iets te betekenen en een verschil te maken via het internet. Maar we zitten nu gevangen in de lokale hebzuchtige machtskringen van de leiders van de Ethiopische overheid. Zij gebruiken de globale antiterrorismeretoriek om alles te vernietigen waarvan ze denken dat het hun macht en stabiliteit als leiders bedreigt. Ondertussen, bijna een jaar na hun arrest, zitten mijn vrienden nog steeds achter de tralies. Ze hebben amper de kans om hun familie te zien, ze hebben geen contact met de buitenwereld, en ze zitten er zonder duidelijke wettelijke grondslag voor hun aanhoudende detentie.

Dit essay won de derde prijs [en] in de #GV2015 Summit wedstrijd, “Hoe beïnvloedt het internetbeleid jouw gemeenschap?” [en] Endalk Chala [en] is een doctoraatsstudent in mediastudies aan de University of Oregon en stichtend lid van het Zone9 blogging collectief  in Ethiopië. Hij sloot zich aan bij Global Voices in 2011.

Start een discussie

Auteurs graag inloggen »

Regels

  • Alle reacties worden beoordeeld door een moderator. Verzend je reactie maar één keer, anders kan deze als spam worden gemarkeerd.
  • Wees respectvol tegen elkaar. Reacties met hatelijke opmerkingen, obsceniteiten en persoonlijke aanvallen worden niet goedgekeurd.